In oktober verschijnt bij Uitgeverij Mozaïek een uniek dagboek dat pas kortgeleden ontdekt werd: ’s Nachts droom ik van vrede, geschreven door Carry Ulreich. Ze zat tijdens de oorlog ondergedoken en hield een dagboek bij. Anders dan Anne Frank overleefde Carry wel de oorlog. In 1946 emigreerde ze naar Palestina en daar woont ze nog steeds.

Carry’s door en door persoonlijke en authentieke verhaal, dat nu alleen nog in Yad Vashem in Jeruzalem in het Hebreeuws is in te zien, geeft nieuwe informatie over de geschiedenis van ondergedoken Joden in Nederland. Met name over een tot nu toe onderbelicht thema: het dagelijkse religieuze leven van orthodoxe Joden in oorlogstijd.

Carry werkte in Rotterdam voor de Joodse Raad, waarover nog maar weinig bekend is. Ook blijkt uit het dagboek dat al in 1942 via de Engelse radio bekend werd welk lot de weggevoerde Joden te wachten stond.

Het dagboek bevat de originele, ongecensureerde tekst. Door de nauwgezette verslaglegging en het scherpe oog voor persoonlijke emoties van Carry maakt de lezer haar strijd om te overleven van dichtbij mee. Carry schrijft humoristisch en in een pittige meisjesstijl.

Het dagboek ‘s Nachts droom ik van vrede ligt vanaf oktober in de boekwinkels.

Lees hier alvast een fragment:

‘Nu komt het badkamerdrama!
Rachel en ik waren dinsdagavond om 11.30 in bad. We hebben wat hard gepraat en gelachen, en toen heeft één van onze buren iets gezegd van naar Polen gaan. Mama en papa vlogen naar boven en scholden ons de huid vol. Ogenblikkelijk waren we stil, maar tevergeefs, want de volgende dag hoorden we via de groenteboer (erg gek hè!) dat dat mens, dat geschreeuwd had, een N.S.B.’ster, al langs de andere buren gegaan is en gevraagd wie er nog last of zoiets van ons had. Naast ons hebben wij ook N.S.B.’ers, dus die zullen het ook wel hebben… en nu zijn we doodsbang dat ze ons bij de SS aan gaat geven wegens ‘burengerucht’ en dan gaan ze ons met de overvalwagen halen en dan naar Westerbork en dan naar Polen en dan… dood? Maar we hopen er het beste van. We zijn erg stil nu, verduisteren precies op tijd, gillen niet, kortom voor ons doen voorbeeldig. Of het iets zal helpen? In ieder geval, we zitten in de put.

(…)

Mama droomt elke nacht ongeveer, van alle mogelijke gruwelijke dingen. Ze is ervan overtuigd dat we allemaal door een molentje gaan daar. Vannacht droomde ma weer, dat Tante Dora aan mama ’t doodsbericht bracht van Onkel Iziu, de lievelingsbroer van mama. ’t Zal er toch nog eens van moeten komen als het lang duurt, want hij kan zich niet staande houden volgens zijn laatste kaarten. Een nog jonge man, pas afgestudeerd, nog niet zo lang dokterspraktijk, niet getrouwd, waarom moet hij dood? En dit kunnen we van duizenden anderen vragen. Waarom? Waarom? Ook van pa zijn al weg een paar broers en schoonzuster en nog nichten en neven. Allemaal zien we ze hoogstwaarschijnlijk niet meer terug. ’t Dringt echt niet allemaal tot je door. Stel je voor, dat ik Rachel moest missen. Laat ik niet aan zoiets verschrikkelijks denken.
Gisteren was door de Engelse radio een uitzending weer over de joden. Toen werd het gebed voor de doden eerst in Pools, daarna in Engels overgezet. Tenslotte heeft een chazzan het gezongen. Zoiets ontroerends nog nooit gehoord. Een prachtige stem, zo huilend, hij zong echt voor ons joden, van hart tot hart. Tranen van ontroering kregen we in onze ogen. Papa zelfs een hoorbare huilbui, zo precies was het alsof hij zong voor zijn broers en zusters. Om nooit te vergeten, dit gebed, zo prachtig.
Alleen begrijp ik niet dat het juist op shabbat voor de radio doorgegeven werd, dat mogen wij toch eigenlijk niet luisteren? En als we juist dit gebod niet overtreden hadden, dan hadden we dit gebed gemist. Ik begrijp het niet. Want zoiets werd toch voor de joden uitgezonden. De christenen voelen mee, maar begrijpen zoiets toch niet.


Op ChristelijkeRomans.nl vind je alles over christelijke romans: nieuws, overzichten, interviews, recensies.

Geef een reactie